Op veel van mijn schilderijen vind je menselijke figuren. Ze zijn onderweg, alleen of met anderen, vaak los van enige context.
Dit ‘gaan van de weg’ is een bekende metafoor voor het leven. Leven is onderweg zijn, het is een reis, een zoektocht, een pelgrimage door verschillende levensfasen. In het begin overheerst het gevoel van ‘ergens’ naartoe willen gaan, je bestemming willen zoeken en bereiken. Geleidelijk aan groeit het besef dat je in het leven voortdurend ‘onderweg’ bent, dat het gaat over komen en gaan, over stilstaan en voortgaan, over ontmoeten en afscheid nemen, over leven en dood. In het verbeelden van dit onbekend verstild moment tussen het begin en het einde van de reis gaat het om ervaren, versterken, uitdrukken, beroeren, oproepen en verbinden.
Inspiratie haal ik uit teksten en foto’s. Ik schilder met een fijn penseel en werk figuratief met een zekere abstractie. Niet alles is tot in detail vastgelegd. Het zijn fragmenten, macro’s of mini’s, die je laten wegdromen en waarbij je als toeschouwer je persoonlijke verhaal naadloos kan laten aansluiten.